foto

Nieuws

Gemeenten kunnen duurzaamheid concretiseren met afval

8 maart 2010
Gemeenten kunnen samen met de afval- en recyclingbranche concrete stappen nemen in de strijd tegen global warming en grondstoffenschaarste. En dat is nodig, nu het kabinet demissionair is en de klimaattop in Kopenhagen niet de gewenste resultaten heeft opgeleverd. Juist de bestuurslaag die net weer democratisch het mandaat heeft gekregen, kan de noodzakelijke maatregelen treffen.

 

De gemeentelijke verkiezingen zijn achter de rug, coalities worden gesmeed. Een mooie kans om afval een prominente plek te geven in de beleidsprogramma’s voor de komende vier jaar. Met een effectief en duurzaam afvalbeleid kunnen gemeenten immers een duidelijke invulling geven aan hun groene ambities.

De kansen die dit biedt worden nu nog onvoldoende benut. Gemeenten kiezen bij aanbestedingen nog te vaak voor de laagste prijs en duurzame initiatieven worden te weinig beloond. Er is voor marktpartijen nauwelijks een prikkel om te investeren in een efficiënte omzetting van afval in grondstoffen en energie en in duurzaam transport. 

Terwijl gemeenten een duurzame slag kunnen slaan door de markt bij aanbestedingen consequent uit te dagen en te belonen voor de inzet van schone voertuigen en duurzame be- en verwerkingsmethoden. Dit zou bovendien geheel in lijn zijn met het vastgestelde beleid van gemeenten om in 2010 voor 75 procent duurzaam in te kopen. En het zou de eigen ketenverantwoordelijkheid van gemeenten invullen. Als de overheid aan burgers vraagt om afval optimaal te scheiden tot en met het plastic, moeten consumenten er ook op kunnen rekenen dat de inzameling en verwerking van hun afval verantwoord en duurzaam gebeurt. Dat betekent dat het om meer gaat dan inkopers en prijs. Het gaat ook om bestuurders met politieke daadkracht. 

Maar het gaat verder. Bestuurders moeten de ambitie hebben om de relatie te leggen tussen afval, grondstoffen en de inrichting van hun gemeente. Afval bestaat niet, maar vormt de grondstof voor nieuwe producten en duurzame energie. Gemeentelijke afvalnota’s moeten dus grondstoffennota’s worden. Door te voorkomen dat iets afval wordt, pakken we de grondstoffenschaarste én het CO2-probeem aan. 

Hiervoor zijn gesloten kringlopen nodig. Burgers, bedrijven en instellingen gebruiken niet alleen grondstoffen en energie, ze produceren het ook in de vorm van afval. Gemeenten kunnen een cruciale rol spelen door gesloten kringlopen te creëren. Zo krijgt het ‘eigen’ afval daadwerkelijk een tweede leven als grondstof of energie.

Dit vraagt voor veel gemeenten om een andere visie op Ruimtelijke Ordering en milieu. Waarom niet bij de inrichting van de stad rekening houden met de beschikbare biomassa en energiecapaciteit van de aanwezige industrie? Waarom geen afspraken maken met de bedrijven over hoe hun afval als grondstof kan worden ingezet voor andere bedrijven? En waarom belonen we de duurzame koplopers niet met een korting op de gemeentelijke belastingen? Ook zo kan de cirkel sluitend worden gemaakt.

Nu al weet de afvalsector een reductie van 4 miljoen ton CO2-emissie te realiseren. Maar dat kan echt beter, met de juiste prikkels. Het is belangrijk dat de nieuwe beleidsbepalers het grondstoffenbeleid een prominente plaats geven in de gemeentelijke ‘regeerakkoorden’. 

Dat vraagt om een lange adem, maar het gaat om de ambities die gemeentelijke bestuurders nú uitspreken. Decennia terug waren we vernieuwend met onze gemeentelijke stortplaatsen. Nu hebben we de kans om voorop te lopen met het gemeentelijke grondstoffenbeleid. Laat het afval dus niet aan de kant staan bij de te formuleren afspraken voor de komende vier jaar! 

Ruud Sondag

CEO Van Gansewinkel Groep

van Gansewinkel Coolrec Maltha AVR